Fenna Wenselaar
fenna.JPG

Blog

Waarom ik geen minimalist word

Het was avond, ik zat in mijn vensterbank en plotseling was daar het moment waarop ik het antwoord wist.

Het was avond, ik zat in mijn vensterbank en plotseling was daar het moment waarop ik het antwoord wist. Vaak heb ik nagedacht waarom mensen leven in lege woningen en meerdere malen heb ik mezelf afgevraagd of ook ik mezelf moet redden van de verzameldrang die mijn bestaan beheerst. Er bestaan challenges die je uitdagen om je bezittingen terug te brengen naar 100 voorwerpen en vaak deed ik wanhopige pogingen alles zo netjes mogelijk op te ruimen zodat het leek alsof ik minder spullen had. Social media (instagram) staat vol met afbeeldingen van mensen met interieurs waarvan ik me bloedserieus afvraag of zij de hele dag bezig zijn met vlekkeloos leven of dat er ook wel eens een hoopje chaos op tafel ligt. 
            Ik zat op zes hoog in het donker en ik realiseerde me dat ik vaak doe alsof ik in een film leef. Dan doe ik wat me mooi lijkt en zorg ik dat ik en mijn kamer er goed op staan. Met mijn ogen film ik onderdelen die mooi bij het moment passen. Ik kijk naar mezelf in mijn film vanaf een helikopterperspectief. In deze film horen spullen. Composities met witte voorwerpen en een plant zijn voor mooie etalages, maar niet voor mijn dagelijkse dosis dramatiek. De mysterie van een stapel boeken, onderdelen van een paspop en gevonden schedels van dieren. Oude tekeningen, potten verf en gevonden stenen. Kleding in alle kleuren en schriften met teksten en tekeningen die ik ooit maakte maar nooit meer wil zien. Ik heb ze nodig om mijn personage te bouwen. Om alles in scΓ¨ne te zetten en te bedenken in welk verhaal ik wil horen. Ik wil mijn spullen houden voor de film in mijn gedachten.
            Ineens wist ik dat witte ruimtes bij mij nooit lang wit zullen blijven. Dat ik ze wil inkleuren en volbouwen. Er doorheen bewegen met een glas wijn in mijn hand. Dat ik er herinneringen in wil krassen, momenten in vast wil leggen, mijn bewegingen documenteren en dat als het me te veel wordt, het tijd is voor een nieuwe witte ruimte. Een vervolg, een andere scΓ¨ne.
            Misschien was het niet specifiek dat moment in mijn vensterbank, maar de herinnering aan een IJslandse vrouw die ik een aantal weken geleden ontmoette in Reykjavik. Ze was 64 jaar en omringt door al haar herinneringen en verhalen waar ik nog dagen naar zou willen kijken. Alles aan haar huis vond ik mooi. Het stond vol boeken, foto’s, schilderijen. Meubels, herinneringen, verhalen. Als ze op een dag zou verdwijnen zou haar huis haar verhaal ademenen. Samen met haar zat ik in een film waar ik niet uit wilde stappen. Als de verhalen worden weggepoetst met witte verf en als voorwerpen niets meer betekenen dan weet ik niet of ik het betonblok waar ik in woon kan verdragen. De gedachte dat er niks achterblijft, geen mysterie, geen kasten vol geheimen en melancholie, slechts een perfect wit interieur zonder krasjes maakt me triest, maar levert wel weer een filmisch moment op.